femke

Femke Halsema heeft een weblog op nu.nl. Op haar blog van 12 december met de titel De Klimaatonnozelaars kreeg ze blijkbaar veel reacties. Waar en hoe is niet te zien want tegen elke webethiek in kun je op haar blogs niet reageren. In ieder geval blogt ze op 14 december dat ze vuurspuwende reacties heeft gehad van de sceptici/onnozelaars. Voor haar zijn pseudowetenschappelijke reaguurders op haar blog blijkbaar een pot nat met internationale sceptische topwetenschappers, die niet meedoen aan de alarmistische polonaise.

Volgens Van Dale is de definitie van onnozel:

on·no·zel bn, bw 1 makkelijk te bedriegen; dom 2 onbeduidend

Onnozelaars zijn dus niet zo zeer de bedriegers, maar de bedrogenen. En hun mening is onbeduidend. Eigenlijk een hoogopgeleid kamerlid onwaardig. Dat laat je toch echt rechts liggen, daar reageer je toch niet op? Of is er een kansje dat Halsema is als de pot die de ketel verwijt? Kan zij ook maar enigszins onderbouwen dat zij niet zelf de “onnozele”, “bedrogene” en “onbeduidende” is?

Dat zou namelijk erg treurig zijn. Laat me haar dan ook te hulp schieten en de twee uitdagingen aangaan waarmee ze haar blog van 14 december besluit:

1) – Kan iemand eens aangeven welke economische, financiële of politieke belangen de klimaatwetenschappers eigenlijk dienen (aangezien hen steeds het verwijt ten deel valt dat er een ‘complot’ of een ‘hoax’ zou zijn)?

2) – Zou iemand eens 3 (of 2 of 1) wetenschappelijke artikelen kunnen noemen die in gerenommeerde tijdschriften (niet zijnde GeenStijl of de Telegraaf) zijn verschenen en die steunen op enige wetenschappelijke consensus: d.w.z. waarvan de gegevens zijn gecheckt door meerdere wetenschappers en als valide mogen worden beschouwd.

Beste Femke,
Mijn antwoord op je eerste uitdaging: de afgelopen decennia is de wetenschap nogal veranderd kan ik als insider zeggen. Kon een wetenschapper vijftig jaar geleden gewoon nog zeggen dat het hem of haar puur om de kennis te doen was en dat de overheid of financier zich daar verder niet mee moest bemoeien, tegenwoordig is dat geen acceptabel antwoord meer. Jezelf en je onderzoek verantwoorden, dat is het adagium.

Waarom betalen we voor dit onderzoek? Wat heeft de samenleving er aan, wat levert het ons op? Met als resultaat dat wetenschappers hun onderzoek dus moeten verkopen. Maar omdat ze allemaal uit dezelfde ruif moeten eten vanwege concurrentie geldt dus ook het adagium: hoe groter het maatschappelijk belang, hoe groter de kans op financiering.

Dus, een wetenschapper heeft er alle belang bij om de zaken zo dramatisch mogelijk voor te stellen; dat levert meer geld op. En het vervelende is, het moet, iedereen moet mee in deze ratrace! Zonder een link met klimaatverandering wordt de kans op financiering van een projectvoorstel aanzienlijk kleiner. Zomaar vrijblijvend onderzoek doen is er helaas bijna niet meer bij.

Daar komt bij dat het klimaatonderzoek van oudsher een klein vakgebiedje was, bevolkt door een kleine groep van fervente vakidioten, met maar weinig aanzien onder de meer klassieke wetenschappen als natuur- en scheikunde. Maar plotseling wordt je kleine vakgebiedje gepromoveerd tot het belangrijkste wetenschappelijke onderwerp aller tijden. En dat juist in een periode waarin angst en het vermijden van risico’s de maatschappelijke trend blijkt. Waardoor politici, beleidsmakers, opinieleiders maar wat graag naar je luisteren en na willen denken over beleid om deze risico’s te vermijden. Voormalig presidenten en andere beroemdheden eten uit je hand. Dan moet je sterk in je schoenen staan om de verleiding te weerstaan en daar niet in mee te gaan.

Complot of hoax
Desondanks kan het de meeste klimaatwetenschappers nog altijd allemaal gestolen worden en doen ze vooral en bij voorkeur gewoon hun onderzoek. Maar er zijn wetenschappers die de verleiding niet weerstaan en de zoektocht naar kennis inruilen voor een zoektocht naar aandacht, macht, met politici om tafel te zitten en de opinie bepalen. Omdat de gemiddelde wetenschapper dat soort zaken allemaal niet zo kan boeien loop je het risico dat zo’n vak gekaapt wordt door opportunisten die maar wat graag aanschuiven aan de politieke tafel. En er dus belang bij hebben om het “probleem” in stand te houden. En eventuele kritiek onder de pet te houden.

En dat, mijn beste Femke, is de “hoax”, het “complot”. Geen bewuste georchestreerde actie om te liegen en bedriegen, maar een systeem dat over de jaren gegroeid is zonder dat men er over nagedacht heeft, met alle gevolgen van dien. Waarin het belangrijkste is om voor politici een zo helder mogelijk beeld te schetsen zonder punten en komma’s en mitsen en maren. Politici vragen immers om een heldere boodschap en aangezien zij uiteindelijk ook de financiers zijn, zullen ze dus een heldere boodschap krijgen.

Lead authors
Daar draait het ook om met betrekking tot het nu veel geciteerde “hide the decline”; de “afname” moest verborgen worden omdat het anders teveel vragen zou oproepen en de politieke boodschap zou “afzwakken“. Het zou de politiek sieren als ze eens zou proberen te bedenken hoe zij zo objectief mogelijke kennis aangereikt kan krijgen, hoe zij kan voorkomen dat die kennisoverdracht teveel beïnvloed wordt door politiek actieve wetenschappers en wat te doen als er verschillen van inzicht zijn.

Hoe wordt bijvoorbeeld bepaald wie de leidende auteurs (lead authors) zijn van het IPCC rapport en waarom nou juist zij? Waarom zijn sommigen van hen bij elk rapport leidende auteur geweest? Waarom kunnen wetenschappers met bar weinig publicaties in de vakliteratuur toch leidende auteur worden? Waarom trekken sommige toponderzoekers zich teleurgesteld terug uit het IPCC? Wie bepaalt op welke wijze onderwerpen belicht worden en op basis van welke achterliggende vakliteratuur?

Femke, geef ons antwoord op deze vragen en zeg wat je eraan gaat doen.

Goed, komen we bij 2).
Waar te beginnen? Het gaat te ver om hier een uitgebreide uiteenzetting te geven van de kritische vakliteratuur, want zij is rijkelijk gevuld. Maar laten we er een publicatie uitlichten. Onlangs liet minister Cramer zich inhoudelijk uit over het afsmelten van de gletsjers van de Kilimanjaro. PVV’er Richard de Mos had opgemerkt dat recente vakliteratuur toch duidelijk suggereerde dat de afname van die gletsjers vooral te maken had met ontbossing en de watercyclus, maar niet met global warming. Bijvoorbeeld een publicatie uit 2004 van de Oostenrijkse professor en Kilimanjaro-expert Georg Käser – met vervolgpublicaties in latere jaren, zelfs begin 2009. Maar goed, recent publiceerde ook de bekende ijsonderzoeker Lonnie Thompson een artikel over de Kilimanjaro in een goed vakblad (Proceedings of the National Academy of Sciences) met als boodschap dat de gletsjers van de Kilimanjaro wel eens binnen twintig jaar verdwenen zouden kunnen zijn – als de wereld blijft opwarmen natuurlijk. Het artikel kreeg in de aanloop naar Kopenhagen nogal wat aandacht en de link met global warming en CO2 was snel gelegd. En dus schreef Cramer triomfantelijk dat al die “prehistorische” vakliteratuur van Käser – let wel, hij publiceerde ook dit jaar nog over de Kilimanjaro – zo de prullenbak in kon.

Nu heb ik het artikel van Thompson hier voor me liggen en het erkent dat veranderingen in landgebruik en de watercyclus een belangrijke zo niet dominante rol spelen in de afname van de Kilimanjaro-gletsjers. Kortom, het artikel van Thompson ontkracht de bevindingen van Käser – de prehistorische literatuur – helemaal niet. Eigenlijk is het artikel van Thompson vooral een review van wat er zoal in het recente verleden gepubliceerd is.

Variaties in zon
Maar dat zijn details die aan Cramer voorbij lijken te gaan. Hoe dan ook, slechts een paar maanden later zijn het nota bene Nederlandse en Vlaamse onderzoekers die in het vooraanstaande tijdschrift Nature tot de conclusie komen dat de watercyclus in het gebied rond de Kilimanjaro grote variaties vertoont, gedreven door variaties in zonneactiviteit, en dat die variaties een belangrijke rol spelen in de groei en krimp van de gletsjers van de Kilimanjaro.

Met het natter worden van het Afrikaanse klimaat groeiden de gletsjers van de Kilimanjaro, in drogere periodes werden ze kleiner. Ongeveer 12.000 jaar geleden zijn de gletsjers van de Kilimanjaro al eens geheel verdwenen. Kortom, geen global warming, geen CO2, wel de zon en andere menselijke invloeden zoals ontbossing. En belangrijk: het gaat niet alleen om de Kilimanjaro als icoon. Het onderzoek laat ook zien dat relatief grote klimaatschommelingen zich van nature voordoen. Dat zoiets als een stabiel klimaat dus niet bestaat en dat streven naar stabilisatie van de wereldgemiddelde temperatuur een grote illusie is.

Voor een wetenschapper allemaal niets nieuws onder de zon: je ideeën en inzichten pas je voortdurend aan al naar gelang het nieuwste bewijsmateriaal. Die nieuwe vaderlandse publicatie in Nature hakte er wat dat betreft nogal in. Daar heb je dus tenminste die ene peer reviewed studie die je zocht. In deze weblog heb je er nog 500.

Onnozel
Louis van Gaal zou nu zeggen: “Ben jij nu zo onnozel, of ben ik nu zo goed geïnformeerd.” Ik kan niet van je verwachten dat jij – of welke politicus dan ook – de klimatologische vakliteratuur bijhoudt. Maar je zou me een groot plezier doen om goed na te denken over hoe en door wie je je laat informeren.

En zou je voor één keer de wereld willen vertellen dat de gletsjers van de Kilimanjaro toch lijken af te smelten vanwege ontbossing en minder neerslag, en niet vanwege global warming? Vanwege jouw imago van vrouw met het hart op de goede plaats luisteren mensen wellicht naar je.