sterk vervuilende grondstoffenwinning voor magneten windmolens

‘Windmolens zijn niet zo groen’, meldt het kwalitatief hoogstaande Vlaamse wetenschapsblad EOS bij monde van chemicus Prof Koen Binnemans van de KU Leuven deze maand.

Sterker nog, voor de winning van grondstoffen die nodig zijn voor de sterke permanente magneet in de turbines zijn per molen honderden kilo’s tot zelfs een ton aan zogenaamde rare earth metals nodig, als indium, neodymium. De zeer sterk gegroeide winning daarvan gebeurt in één mijn in China, waarbij ‘ernstige vervuiling’ optreedt in de woorden van Binnemans. (Méér over windmolens en REE in deze blog)

‘In 1995 bezocht ik in Baotou verwerkingsinstallaties van zeldzame aarden. Wat ik daar te zien kreeg, deed denken aan de schrijnende toestanden in 19-de eeuwse Europese mijngebieden. Sindsdien is er nauwelijks in nieuwe technologie geinvesteerd.


Zwaveldampen en radioactieve stoffen naar buiten voor Westerse wereldvreemden
Om de uitstoot van onschuldig CO2 te voorkomen (wat met windmolens niet kan, omdat je gascentrales als backup moet bijschakelen) laten we dus argeloze Chinezen in de giftige dampen zitten. Binnemans beschrijft het extractieproces, waarbij een mengsel ertsen op een temperatuur van 500 graden wordt gemengd met zwavelzuur. Tijdens de behandeling komen grote hoeveelheden zwaveldioxide, zwaveltrioxide, waterstoffluoride direct de atmosfeer in.

Als vloeibaar afval blijft een reservoir over van zwavelzuur met grote hoeveelheden radioactief thorium: het Jolande-Sap. Windmolens zijn dus niet ‘duurzaam’, ook omdat ze van eindige materialen gebruik maken.

Wat windmolens meer voor rotzooi geven valt in het juni-nummer van EOS te lezen.
Ook voor hybride auto’s geldt dit euvel. Hergebruik van afval uit laptops en mobieltjes zou een deel van het grondstoffenprobleem verhelpen. Maar daarmee is het belangrijkste euvel van Windenergie niet verholpen. Wat windmolens als extra nadeel hebben zijn de prijsopdrijvende effecten op onze energieleverantie.

Dit zijn de extra kosten van windenergie die hoogleraar energietechniek Fred Kreuger van de TU Delft voorrekende, zonder reparatiekosten en exploitatie

Samenvattend kan men over deze kostprijzen zeggen:

prijs per kWh vergeleken
met normaal

windrijke kustlocatie 6 à 7 eurocent ruim 2 maal

locatie binnenland > 7 eurocent 2 tot 3 maal

near-shore 9 eurocent ruim 3 maal

off-shore 11 à 12 eurocent ca 4 maal