Vegetatieve filosofie, bij KNNV Uitgeverij

Vegetatieve filosofie, bij KNNV Uitgeverij

Zondag in het Teylers Museum in Haarlem treedt plantaardig filosoof Norbert Peeters aan. Hij zal met Darwin als hamer in de hand wat hokjes slopen in het natuurdenken. Een goede zaak, die we graag stimuleren. Peeters werkte mee aan het bij KNNV verschenen ‘Plantaardig, Vegetatieve Filosofie’ van de eigenaar van Landgoed Schovenhorst Th C W Oudemans.

Het duo stimuleert het denken vanuit het perspectief van de natuur zelf, de plant. Waar de menselijke maat nog blijft regeren in de groene sector, en zoals Salomon al schreef ook bij het klimaat. Dagelijks groeit de kloof tussen de meer darwinistisch gerichte wetenschappelijke ecologie, en het natuurgezwam dat de beleidsbureaucratie van Sharon Dijksma en NGO’s uitdragen op een bed van subsidies en loterijgelden, nu omgord met wat bedrijfsproza.

Het Herboceen bevestigd!
De twee vegetatief filosofen bevestigen de hier 4 jaar geleden op Climategate.nl gelanceerde klimaattheorie van het Herboceen, de tegenhanger van het Anthropoceen van uit de menselijke maat denkende milieuactivisten. Daar deed ik het zelfde als wat de rode draad vormt van Vegetatieve Filosofie: het perspectief van mensen verruilen voor dat van de natuur, die de baas blijft en de tijd heeft.

Planten gebruiken ons om het CO2-gehalte in de atmosfeer op te hogen, beter dan de magere 280 ppm van 1850. Zij floreren immers bij veel hogere CO2-gehaltes. Voor planten is er alvast geen ‘klimaatprobleem’ want de optimumtemperatuur voor fotosynthese ligt beduidend hoger dan het magere wereldgemiddelde van nu. Laat staan dat er een ‘onbalans’ in de koolstofcyclus, bestaat, zo schrijven ook Oudemans en Peeters op bladzijde 64:

Mogelijk is er sprake van een onbalans voor de mens als subject, de heer van de aarde, maar zeker niet vanuit het perspectief van de plantaardige monade

 

1. De monade
Een monade is 1 van de kernbegrippen bij de Vegetatieve filosofie, een term voor interactie en beweegbare grenzen, meer Heraclitus dan Plato. Als organisme geef je niet alleen zelf de omgeving vorm, zoals een mens doet en een boom. De natuurlijke omgeving vormt jouw ook als product van evolutie via natuurlijke selectie. Er is geen harde scheiding tussen mens en milieu, tussen plant en mens, alles beïnvloedt elkaar. Geen organisme staat op zichzelf of is een afgerond ideaaltype. Dat ‘idee’ zit dankzij Plato hardnekkig in ons denken verankerd. Je ziet het ook terug bij de ecologie, het ‘huishouden van de natuur’ en de opvatting dat er een ‘natuurlijk evenwicht’ zou bestaan. Een ideaaltoestand waar de natuur als vanzelf naar terugkeert zonder die menselijke rotzakjes. En alsof het klimaat ‘hoort’ te zijn zoals het in 1850 was.

  • Wij mensen zijn ook mede door planten vormgegeven, en zitten als het ware een beetje in hun ‘greep’, al moet je die greep breder zien. Een waarheid als een koe, die als grazer zelfs een volledig dierlijke uiting is van zijn voedsel, de grassen.

Zo kun je dus ook de redenering volgen dat planten ons via de landbouw domesticeerden. Waar we eerder vrij jagend en verzamelend de Late Quaternary Extinction veroorzaakten onder de grote planteneters als mastodonten, en planten van die plaagdieren verlosten. Daar was het bij aanbreken van het Holoceen nu tijd voor een groter project van onze plantaardige overheersers: de planten gebruiken de mens nu om zichzelf via landbouwgewassen te vermeerderen, we zijn volledige slaven van het plantenrijk geworden die geen kant meer op kunnen. Alleen schijnt onze spijsvertering volgens de Paleomensen nog te protesteren. De volgende truc die planten op ons toepassen is dus het weer in omloop brengen van meer koolstof: de fossiele voorraden van hun plantaardige voorouders.

Zodat planten de zaak straks helemaal kunnen overnemen, en dankzij steenkool groeien als kool. Dat is het Herboceen ten voeten uit.

Tenminste: wanneer je bereid bent te denken vanuit een niet-menselijk perspectief, weldadig zonder de belerende benepenheid van milieufanatici. Zo kun je ook de succesvolle verovering van exoten anders bekijken. Die gebruiken de mens als object om mee te liften naar nieuw te koloniseren gebied. Wat maakt het een boomslag nu uit of hij meelift met een boomstronk op de oceaan, of dat hij in het laadruim van een vliegtuig meekomt naar het in de Stille Oceaan liggende Guam? Het laatste gaat beduidend sneller, en de slang is op Guam zeer succesvol: wat mensen dan al snel ‘een plaag’ noemen. Zo geldt dat ook voor bomen. Bedenk dat de Sequoia, die ‘typisch Amerikaanse’ naaldboom hier in Europa vroeger ook voorkwam, maar dankzij de ijstijden werd uitgeroeid. Via arboreta maakt die nu weer zijn comeback met hulp van Holocene natuurkracht Homo sapiens.

Hoewel geworteld, blijken planten alvast ‘intelligenter’ dan gedacht. Ze signaleren elkaar met noodstoffen als planteneters ze aanvallen, of zelfs lokstoffen voor insecten die deze herbivoren te grazen nemen. Lees hier vooral ook het werk van Jean Marie Pelt.

bomen zijn intelligenter dan je denkt

bomen zijn intelligenter dan je denkt

2. A small step for man….
Een tweede kernbegrip uit het boek is anders te leren zien naar overgangen. Nepfilosofen die de mens willen degraderen, schermen wel eens met het feit dat de aap en mens voor 99 procent in DNA gelijk zijn. Oftewel, kwantitatief gezien is er een kleine stap overbrugd. Maar kwalitatief gaapt er lichtjaren tussen de bibliotheken met Vegetatieve Filosofie schrijvende mensen die naar de maan reizen, en de al miljoen jaar exact het zelfde levende chimp: die verkeert in evolutionair vegetatieve toestand. Verwijzend naar Hegel spreken de Vegetatief filosofen van ‘een omslag van kwantiteit in kwaliteit’.

Ook daar iets niets moeilijks aan om te begrijpen. Want ook Neil Armstrong was Hegeliaans toen hij uit de Apollo stapte en stelde ‘a small step for man, but a giant step for mankind’. Een kleine sprong in het ene denkdomein, kan in het andere denkdomein een aardverschuiving betekenen. De kwaliteit kan plots veranderen, terwijl er kwantitatief gezien niet veel gebeurt.

Zo denkend kun je dus ook weer met een frisse blik naar evolutie kijken. Volgens Darwin konden er immers alleen maar kleine geleidelijke veranderingen optreden in de evolutie van een organisme, zich baserend op geoloog Lyell. De hamvraag blijft dan hoe er zulke complexe organismen kunnen ontstaan via een reeks stapjes die in zichzelf geen kwalitatieve waarde toevoegen.

….but a giant step for mankind
Die vraag lossen Peeters en Oudemans ook niet op, maar de vondst is wel goed dat je na veel kleine kwantitatieve stapjes een grote kwalitatieve sprong kunt maken. Zie hoe cyanobacterieen op eigen wijze wat zuurstof bleven afscheiden, en zo het tijdperk van de planten inluiden die onze planeet nu via een ozonlaag beschermen tegen UV-straling. Een kwalitatieve megasprong door kwantitatieve ministapjes. Vele bacterien maken licht werk, en plots (na een miljard jaar zuurstof dumpen) slaat het systeem aarde om in een op aeroob gebeuren, de anaerobe bacterieen gaan ondergronds als biologische onderduikers verder.

En via een vrij overzichtelijk chemisch proces in kleine stapjes krijg je de ‘giant step’  naar wat nu de blauwe planeet is,  waarop veel complexere levensvormen met elkaar kunnen leven. Via 1 chemisch proces op eindeloze herhaling, fotosynthese kreeg de aarde een totaal andere kwaliteit. Zodat we nu via Nasa-telescopen de ruimte ingluren naar planeten met de zelfde chemische voetafdruk, die het leven op aarde nalaat: als levende planeet tussen de dode hopen steen. Die rondjes draaiende steenklompen ontberen de milieuvervuiling door planten die onze aarde maakt tot wat zij is.

Kortom, filosofen zijn er om het denken op te frissen en om gereedschap aan te dragen voor zelfstandig denken. Met name in de ecologie en het natuurbeheer overheersen de mensen die nooit hebben geleerd buiten hun straatje te denken, omdat ze betaald krijgen dat vooral ook niet te doen. Waaronder de ‘botanisch rascisten’ die Oudemans hekelt: de mensen van Staatsbosbeheer, de Landschappen en Natuurmonumenten die met niets ontziende vernietigingsdrift alle bomen te lijf gaan die zij als ‘exoot’ beschouwen. Een natuurBEHEERder, beheerser wil vooral greep krijgen op zijn eigen problemen, niet die van de natuur.

En daar kan Vegetatieve Filosofie de kale grijze hersencellen overwoekeren met nieuwe denkpatronen. 

De Frederikseik van 1000 jaar oud

De Frederikseik van 1000 jaar oud


Darwin was geen vegetatief filosoof
Maar….laten we Darwin niet verheerlijken als filosoof. Dat komt bij Peeters en Oudemans af en toe over alsof ze zich achter de autoriteit van de bioloog willen verschuilen om zichzelf zo meer autoriteit te verlenen als denker. Dat doen meer lieden die met Darwin aan de haal gaan. Zo goed was Darwin als denker niet -vastgelopen in de Victoriaanse vooruitgangstijd, hij was goed als datagerichte natuuronderzoeker, die gewoon zag wat hij waarnam, om dat doodsaai in ‘The Origin’ uiteen te zetten. Al zijn kleine waarnemingen bij elkaar, gedetailleerd en tot in detail opgeschreven duwden de biologie met een kwalitatieve megasprong vooruit. Zodat nu geldt: ‘nothing makes sense in biology, except in the light of evolution’.

Maar….Natuurlijke selectie is een tautologie die zelf een onderscheid tussen ‘menselijk’ en ‘natuurlijk’  introduceert om zo een blind stochastisch proces een gezicht te geven van ‘de natuur’.  Darwin was geen vegetatief filosoof. Misschien kan Norbert Peeters hier zondag op ingaan? Ik denk echter dat hij daar nog te jong en onbelezen voor is, misschien moet ik het Oudemans maar eens vragen. Want ik wil als fulltime-bomenknuffelaar graag Schovenhorst bezoeken dat notabene via het Loglife-experiment een onderzoeksterrein is voor…

..klimaatonderzoekers die CO2-vrees gebruiken om de vertering van boomstammen te mogen onderzoeken. Een ware vegetatief filosoof zou hen met een hamer bewerken. Als hobbyfilosoof Rypkenhauer neem ik terrier Trudy mee- mijn keffende Atman- die ze grommend in de broekspijpen zal hangen.