Sinds vele jaren volg ik “klimaatdiscussies” in Nederland en in andere landen. Het gaat meestal om discussies tussen twee partijen, die we gemakshalve de “alarmisten” en de “sceptici” kunnen noemen. Opmerkelijk is dat zulke “discussies” zelden iets opleveren en dat ze bovendien in de loop der jaren steeds verder verharden. Ik zet “discussies” tussen aanhalingstekens, omdat het eigenlijk geen werkelijke discussies zijn, maar alleen woordenwisselingen. Meestal is het zo dat de “alarmisten” het standpunt herhalen dat de mens een ernstige opwarming van de atmosfeer veroorzaakt, zonder goede bewijsvoering, en dat “sceptici” dat tegenspreken. De alarmisten doen meestal niet meer dan dogma’s herhalen, terwijl de sceptici reageren met wetenschappelijke of zakelijke argumenten. Deze worden dan door de alarmisten genegeerd of verworpen, maar niet weerlegd.

In een echte discussie wordt door vragen en antwoorden een betoog opgebouwd, waardoor men samen tot nieuw inzicht komt. Dat kan alleen als je elkaar vertrouwt, wat in de “klimaatdiscussies” meestal niet het geval is. Echte wetenschappelijke discussies kunnen leiden tot nieuw wetenschappelijk inzicht. Dat gebeurt in de “klimaatdiscussies” meestal niet.

In de vele toespraken van alarmisten die ik heb gehoord en gelezen heb ik een zekere structuur ontdekt. Als je meerdere typische betogen van alarmisten bekijkt, herken je daar een bepaalde werkwijze in. Het lijkt of de alarmisten een opleiding hebben gehad, die gekenmerkt wordt door dezelfde principes. Wat ik vele malen heb beluisterd zou ik als volgt kunnen samenvatten, als “richtlijnen” voor alarmisten:

Ga nooit in op de boodschap van een scepticus.

Gebruik tegen een scepticus altijd een neerbuigende en smalende toon.

Probeer details te ontdekken die volgens jou fout zijn, maak daar en enorm misbaar over en verklaar het hele verhaal tot onzin.

Zeg nooit zoiets als: “dit vind ik goed, maar dat vind ik niet goed”. Houd vol dat alles fout is.

Zeg nooit wat er precies fout is en zeg nooit hoe het volgens jou wel zou moeten zijn .

Doe geen concrete uitspraken, want die zouden kunnen worden weerlegd.

Als de scepticus met redelijke tegenargumenten komt, negeer die dan volledig.

Geef nooit ergens antwoord op, maar blijf ageren.

Blijf doordrammen, houd de uitputtingsslag vol tot het bittere einde en zorg ervoor dat je altijd het laatste woord hebt.

Het is opvallend dat uitspraken van verschillende alarmisten, die elkaar niet kennen, toch vaak heel aardig aan deze richtlijnen voldoen. Blijkbaar gaat het steeds om het principe dat alarmisten vinden dat zij per definitie gelijk hebben en dat dus sceptici altijd ongelijk moeten hebben. Ja, sterker nog, ze zijn er van overtuigd dat sceptici altijd opzettelijk liegen en bedriegen.

Wat sceptici in feite zeggen is dus niet interessant. Je moet als alarmist consequent wantrouwend zijn, want in de politiek geldt immers dat wantrouwen altijd overwint. En het gaat hier inderdaad over politiek, niet over wetenschap. Zo’n overwinning ervaar je natuurlijk alleen zelf. De “tegenpartij” voelt dit anders.

Het grappige is dat ik deze typische discussietechniek ook wel eens bij bepaalde sceptici heb waargenomen. Men leert dus blijkbaar van elkaar.

Overigens heb ik in de literatuur zelden een goed gedocumenteerd stuk kunnen vinden van alarmistische strekking. Bijna alle goede stukken op klimaatgebied zijn sceptisch. Dat moeten ze ook zijn, want elk goed wetenschappelijk artikel is in principe sceptisch.

Vooraanstaande klimaatsceptici zijn er weinig in Nederland. Je moet daarvoor vooral naar Amerikaanse literatuur kijken. Ik denk aan namen als Richard Lindzen (een wijs man), S. Fred Singer, Roy Spencer, John Christy, Judith Curry, Tim Ball (Canada), Rob Carter (Australië, onlangs overleden), Vincent Gray (Nieuw Zeeland), Lennart Bengtsson (Zweden). Zij hebben allen de voornaamste argumenten van de alarmisten weerlegd.

Wat het Nederlandse taalgebied betreft moet ik vooral verwijzen naar Arthur Rörsch, Marcel Crok en de uitstekende website www. klimaatgek.nl, opgezet door wijlen prof. Frans Sluijter en voortgezet door Rob de Vos. Werkelijk voortreffelijk!