Close preview
Wat ik hier nu al 2 jaar schrijf, net nog in de blog waarin ik klimaat en fosfaat de schuld gaf, en wat uit alle studies blijkt die zich op gegevens baseren in plaats van academische modes: het is wéér bevestigd in het Journal of Sea Research afgelopen maand.
Scholbox mislukt, leve de Scholbox Marine Protected Area (MPA) de Scholbox die in 1995 met medewerking van de visserij werd in gesteld in de Noordzeekustzone- sluiting van de 12-mijlszone voor kotters boven 300 pk- mislukte door achteruitgang van voedingsstoffen als fosfaat en dalende primaire productie en ook kunnen klimaateffecten meespelen. Terwijl de visserijdruk met 90 procent daalde, al nam de inspanning van kleinere kotters toe.
It is concluded that the observed changes are most likely related to changes in the North Sea ecosystem, which may be related to changes in eutrophication and temperature. It is less likely that they are related to the change in fishing.
Zijn Imares-onderzoekers nu wetenschapper of politicus, of allebei? Paddy Walker van de Waddenvereniging moffelde die ‘eutrophication’ volledig weg met Ingrid Tulp in ecologenblad de Levende Natuur in mei 2012, terwijl ze over exact de zelfde trends praten als verminderde groei van platvis. Tulp werkte ook mee aan deze Journal of Sea Research-studie, dus bedreef zij een grove wetenschappelijke fout in mijn ecologenkrantje: guilty by omission. Bij Walker kun je niet anders verwachten, dat is gewoon een intellectueel oneerlijk milieuhuppelmeisje. Maar Tulp gaat door voor wetenschapper. Lees verder »
Imares levert met 'benthis' de Brusselse beleidsmachine haar rechtvaardiging voor Kaderrichtlijn Marien
Op het NERN-congres sprak ik Imares-oudgediende bij visserijonderzoek van Imares: Adriaan Rijnsdorp. Eerder onderzocht Imares de visserij al weg voor de overheid/NGO’s uit 25 procent van de Noordzeekustzone in het kader van Natura 2000. Nu hebben ze nóg een onderzoek dat de impact van visserij op de zeebodem moet onderzoeken en schelpdieren, Benthis, met eigen website Benthis.eu.
De invloed van visserij op verspreiding van schelpdieren moet hier uit blijken geformuleerd als ‘de kwetsbaarheid van benthische ecosystemen’. Volgens Rijnsdorp was dat onderzoek naar invloed op schelpdieren nog nooit gedaan, en zijn neus groeide terwijl hij sprak.
Onderzoek met strekking Benthis al lang gedaan In de jaren ’90, toen er nog 40 procent hogere visserijdruk was in de (Nederlandse) Noordzee, is er wél een groot onderzoek gedaan. Daarbij werd de langjarige invloed van boomkorvisserij op de zandbodem en verspreiding van schelpdieren in de Noordzee vergeleken met een controlegebied zónder visserij. Er staat een Rijnsdorp bij, maar misschien is dat zijn verdwenen tweelingbroer?
Daaruit bleek het overbekende, reeds toen al plat onderzochte fenomeen: in een trek met een boomkor raken vanzelfsprekend schelpdieren als het nonnetje beschadigd. Ik raak ook beschadigd als zo’n sleepnet met van die wekkerkettingen over mij heen rolt.
Maar….In vergelijking met controlegebied had NATUURLIJKE DYNAMIEK grotere invloed op de verspreiding van schelpdieren dan visserij-activiteiten. En op populatieniveau werd géén invloed gemeten. Dat was in een periode met een 40 procent grotere visserijvloot, met 45 procent meer motorvermogen. Nu zal de invloed van boomkorvisserij in Natura 2000 gebied op maximaal 20 meter diep op benthische fauna van dynamische zandbodems nóg kleiner zijn. Lees verder »
'ach die vissertjes roepen maar wat' (arrogante academicus et al)
Imares gebruikt voor het Ministerie van EL&I in haar rapport in 2011 (C068/11) bij de zelfde tongvisserij constant (veel) hogere discardpercentages voor de zelfde jaartallen, dan voor haar rapport voor het Productschap Vis in 2009 (C049/09). Dat blijkt bij nadere analyse van de discardtabellen in de rapporten (respectievelijk 4.4 en blz 17 tabel 2).
Zo stelde Imares richting Productschap Vis dat zij in 2004 een discardpercentage van 34 procent vond. Bij data voor het Ministerie van ELI in 2004 ligt dat op 57 procent. Ook in 2005 zit Imares voor het Ministerie van ELI op 52 procent, terwijl zij bij eigen data voor het rapport van Productschap vis op 44 procent komen.
Geen trend bij Ministerie, wel bij Productschap Richting Productschap Vis beweerde Imares- door dit lage percentage 34 procent op te nemen- dat haar data NIET veel zouden verschillen van de sector en zelfs een stijgende trend zou laten zien die raakvlak toont met het Productschap: zie je wel, jullie domme vissertjes wantrouwen ons ten onrechte, is dan de suggestie.
Wanneer je echter de data voor het Ministerie van ELI gebruikt- voor exact de zelfde visserij in zelfde jaren- zijn de verschillen wél groot, en is géén trend zichtbaar: de data in rapport C068/11 geven constant hoge discarding rond de 50 procent sinds 2000, het percentage 34 procent stamt uit de jaren ’90. En dan heeft de visserij gelijk gehad, en heeft Imares in 2009 het Productschap Vis gefopt. Een duur fopcadeau, want het Productschap betaalde het onderzoek. Lees verder »
Schar- bijvangst in tongvisserij- te drogen in Lauwersoog. Dat overleven ze ook niet
De ‘overlevingsbakken’ van Imares bij discardproeven blijken visgrafkisten, waar na 3 dagen het gros sterft, met stress en uitputting als belangrijkere doodsoorzaak dan vangstmethode. Dat blijkt uit grondiger studie van de door Imares gebruikte literatuur.
Het rapport C151/11 van Imares informeerde het Parlement daarom eind 2011 onjuist over de aanlandingsplicht van discards. Imares claimde:
De overleving van platvisdiscards in de boomkorvisserij kwam in geen van de bestudeerde studies boven de 40%.
De overleving van tong kan tientallen procenten hoger zijn bij een proefopzet die de praktijk nabootst.
Minder dan 10 procent zou overleven… Net als in andere Imares-rapporten maakt vooral één studie van Van Beek in 1990 de zaak hard tegen Nederlandse boomkorvisserij: Minder dan 10 procent van tong en schol zou overleven, zo meldt de samenvatting. Die studie is hier te vinden. Maar…Maken de metingen die claim hard? Nee.
Na 24 uur is nog 80-100 procent in leven; ra ra hoe kan dat? Laten we nauwkeuriger kijken naar wat Van Beek deed met Adriaan Rijnsdorp in 1990. Dan zien we dat na 12 en 24 uur meestal 80-100 procent van de tong nog leeft. We zien dat de grote sterfte bij tong vooral na 3 dagen optreedt, na 12-24 uur nauwelijks: directe verwonding kan dan geen hoofdoorzaak zijn, bijkomende factoren als stress en uitputting moeten belangrijker zijn. Lees verder »
Fawlty Towers bij Imares/NIOZ: don't mention the European Environmental Policy
Platvis blijft op steeds kleiner formaat en jongere leeftijd uit de Noordzee-kustzone trekken naar dieper water, zo bevestigen meerdere studies in de januari-Issue van het Journal of Sea Research. Het journal brengt de wetenschappelijke publicaties van de platvisconferentie in november 2012 in IJmuiden. Wat blijkt: Slechtere groei vergroot de kans op meer discards bij tong, zo kun je afleiden.
Die lagere leeftijd en kleinere formaten waarin platvis als tong buiten de Scholbox trekt- het zeereservaat langs de Noordzeekustzone waar geen +300 PK-kotters mogen komen- naar dieper water (waar de kotters wel vissen), vergroot het percentage ondermaatse vis die tongvissers vangen in sommige delen van de Noordzee, en dus overboord zetten.
Afschaffen minimale aanlandingsgrootte zou discards minderen Nederlandse tongvissers gebruiken netten met maaswijdte van 80 millimeter. Bij 80 millimeter maaswijdte hebben vissers 50 procent kans dat ze tong vangen van de minimaal toegestane aanlandingsgrootte van 24 centimeter. Kleinere vis van de doelsoort laten ze weer vrij, wat men ‘discards’ noemt: per 2016 zou boomkor alle ‘discard’moeten aanlanden.
Kans op kleine tong buiten Scholbox blijft groeien door minder voedsel Op basis van discarddata van de Nederlandse en Belgische vloot toont een studie van Poos et al dat de kans toeneemt, dat vissers onvolwassen tong (jonger dan 4 jaar) en ondermaatse tong vangen. Zij zien dat tong op jongere leeftijd en op kleiner formaat uit opgroeigebied in de kustzone migreert naar dieper water. Maar ligt dat aan fosfaat, of het klimaat zoals zij beweren?
Lees verder »
'Onafhankelijk en objectief.'.. De DDR noemde zichzelf ook 'democratisch', voor het geval je mocht twijfelen
In ieder rapport van Imares staat altijd voorin:
Imares is an independent, objective and authoritative institute.
Onafhankelijk en objectief? Taalkeuze zegt veel over Imares Wanneer voormalig visserij-onderzoeksinstituut Imares rapport C077/09 schrijft over bijvangst in visserij, adopteren ze de terminologie van anti-visserijgroepen die bijvangst ‘discards’ gingen noemen: wegwerpdingen die vissers’dumpen’ volgens de definitie van Martin Pastoors in 2009.
De definitie van discards die in dit rapport gebruikt wordt, is: “Discards, of discarded vangst is dat deel van het totale organische materiaal van dierlijke aard in de vangst dat weggegooid wordt of om wat voor reden dan ook in de zee gedumpt wordt
Releases als naam biologisch juister vanwege overleving per soort Die taalKEUZE van Imares en de overheid is alles behalve ‘onafhankelijk en objectief’- het imago dat Imares zichzelf meegeeft. En bovendien biologisch onjuist. De overleving van vrijgelaten vis – zoals ik al blogde- kan 100 procent naderen: afhankelijk van de soort, al stofzuigen de meeuwen veel weg.
Ik deed daarom even navraag bij Canadees visserijconsultant en econoom Bruce Turris. Turris doet ook consulting voor MSC. Hij wist sinds 1996 samen MET (en dus niet tegen) de bodemvisserijsector voor de Westkust van British Columbia de niet marktwaardige bijvangst te minderen van 26 procent in 1996 naar 8 procent in 2011.
Wat antwoordde hij:
i prefer the term releases over discards – I believe it is a kinder and more accurate term
Turris legde me uit hóe de 300 schepen van hun vloot bijvangst minderden. Niet door een ideologisch gemotiveerde aanlandingsplicht en dump van niet marktwaardige vis aan de wal (dump is wel juiste term bij aanlandingsplicht, aan wal is het afval), zoals het Europarlement en anti-visserijclubs willen. Hoe dan wel? Lees verder »
Ik blogde op Wereldbiodiversiteitsdag over de Natuurbalans 2010 van het Planbureau voor de Bureaucratische Leefomgeving (PBL), die zou aantonen dat ‘slechts 40 procent over is van de biodiversiteit in de Noordzee’. De Natuurbalans is geen wetenschappelijk document maar een politiek lobbydocument en we gaan dus weer mythbuster spelen, met de volgende bewering:
In alle Natura 2000-gebieden in de Noordzee wordt minder dan 20% van de oppervlakte ecologisch duurzaam bevist
Een bezwering voor ingewijden Want wat is ‘ecologisch’ in deze context, die zo lijkt te verwijzen naar de niet-wetenschappelijke lading die het in de jaren ’70 kreeg van vorige eeuw: hoe kwantificeer je ‘ecologisch’, en wat is ‘duurzaam’laat staan ‘ecologisch duurzaam’. Dit lijkt een esoterische bezwering die voor religieus ingewijden een belevingswereld aanspreekt.
Wordt die bezwering gekwantificeerd? Nee. Deze bewering blijkt te leunen op één andere bewering, die als doorslaggevend ‘bewijs’fungeert: namelijk dat visserij met boomkor alle ‘langlevende schelpdiersoorten’zou doen verdwijnen. , hoewel daarover in de Ecologische Atlas van de Noordzee van Han Lindeboom uit 2008 nauweljks meetgegevens of goede referenties zijn te vinden. En áls ze ergens in moesten staan is het daar.
‘Ecologisch duurzaam’ blijkt bij nazoeken het zelfde te zijn als GEEN BOOMKORVISSERIJ, want de bewering leunt alleen op visserijdata van 2001-2007, en- schrik niet- de gevolgen voor één schelpdier in 1980-90- waarvan na 2000 géén bestandsmetingen zijn gedaan. , terwijl na 1990 de visserijvloot met éénderde kromp. Lees verder »
'Vissers kunnen in het Doggerpark overleven met kleinschalig ecotoerisme, in Pleistocene klederdracht'
Ik zag dat de topbiologen van Centre of Marine Excellence Imares met milieuactivist/duiker Pascal van Erp deze zomer weer 10 dagen naar Natura 2000-site Doggersbank varen, om daar een onderwaterstudie van het leven te houden. Wat daar nu echt leeft is- ondanks voorgenomen plannen voor gebiedssluiting voor visserij- namelijk nauwelijks bestudeerd.
Er waren volgens ICES in 2008 namelijk nauwelijks ecologische gegevens, en die zijn er nog steeds niet. Dus sluit je de Doggersbank uit voorzorg, en kijk je later waarom eigenlijk. Dat deden we bij VIBEG in de Noordzeekustzone ook.
Overheid moet meer ambitie tonen bij herstel Doggersbank Wat niet betekent, dat ik geen bescherming wil van de onderwaternatuur. Sterker, ik vind de huidige ambities van de overheid voor Natura 2000 veel te laag. Daarom wil ik jullie graag wijzen op een bijzonder plan ´Naar een gezonde Doggersbank in natuurlijk evenwicht´¨ dat mijn vriendin Groene Rykje de Duurzaamste van Stichting de Noordzee bedacht.
‘Het Doggerpark’: Naar een gezonde Doggersbank in Natuurlijk Evenwicht Nou eeh, ja dankje..Ik pleit er al jaren voor om de Doggersbank in oorspronkelijke staat te herstellen. Al lang voor het Ministerie van ELI en Han Lindeboom van Imares dit aanwezen als Nederlands Natura 2000-gebied. Vóór dé zeespiegelstijging door dé klimaatverandering na het Pleistoceen, was de Doggersbank een eiland met natuurlijke naaldbossen. Daar omheen leefden jager-verzamelaars, mammoeten, hyena´s en sabeltandtijgers.Die natuur moet weer in oorspronkelijke staat van natuurlijkheid worden hersteld als klimaatbestendig Pleistoceen park. Ennuh dan heb ik zoiets van, duhh, waarom noemen we het geen Doggerpark?´. Lees verder »
‘Het Doggerpark’: Naar een gezonde Doggersbank in Natuurlijk Evenwicht Nou eeh, ja dankje..Ik pleit er al jaren voor om de Doggersbank in oorspronkelijke staat te herstellen. Al lang voor het Ministerie van ELI en Han Lindeboom van Imares dit aanwezen als Nederlands Natura 2000-gebied. Vóór dé zeespiegelstijging door dé klimaatverandering na het Pleistoceen, was de Doggersbank een eiland met natuurlijke naaldbossen. Daar omheen leefden jager-verzamelaars, mammoeten, hyena´s en sabeltandtijgers.
Die natuur moet weer in oorspronkelijke staat van natuurlijkheid worden hersteld als klimaatbestendig Pleistoceen park. Ennuh dan heb ik zoiets van, duhh, waarom noemen we het geen Doggerpark?´. Lees verder »
'Er is geen wetenschappelijke basis...'
Vandaag is de laatste dag, dat je kunt solliciteren op de nieuwe vacature als Post-doc bij Imares- waarvoor wij al extra sollicitatie-adviezen gaven. In deze blog geef ik nog een carriereadvies bij Imares: spreek je eigen onderzoeksbevindingen tegen als de klant/politiek/je chef dat willen.
Hoewel sommige lezers vast bezwaar zullen maken tegen ‘de toon’en ‘het is op de persoon’ (wat bij kritiek op politici NOOIT een probleem is, zijn wetenschappers heilig?), vraag ik hen dan of je op basis van het gepresenteerde bewijs anders kunt concluderen. Het draait hier om de feiten.
‘Er is geen wetenschappelijke basis in 2007 voor Ministerie als klant, maar wel in 2004 voor ICES’ Kijk in dit Imares-rapport C036/07 uit 2007 met ‘onafhankelijk’onderzoek van de ons welbekende Han Lindeboom- gastblogger van Climategate en andere Imares-onderzoekers als Adriaan Rijnsdorp ‘Fosfaataddities om de visproductie te verhogen’.
Imaresrapport vol ‘weten zonder meten’ Het 2007-rapport werd geschreven na Tweede Kamervragen in 2006, over het Boddeke-Hagelplan. In weerwoord op Lindeboom blogden beide hierover. Lees hier de aanbiedingsbrief van Minister Gerda Verburg aan de Tweede Kamer. De voormalige RIVO (Imaresvoorloper)-onderzoeksdirecteuren stelden dat extra fosfaat in zee voor spectaculaire visgroei zou zorgen. Net als in de periode ’60 tot ’80 waargenomen in de kustzee, toen fosfaat uit de Rijn de primaire productie spectaculair ophoogde.
Zeebemesting zou in het kader van voedselzekerheid en bij ander politiek klimaat een interessant live-experiment kunnen zijn- in Noorwegen voerde Prof Yngvar Olsen vergelijkbare proeven uit op kleine schaal. Han Lindeboom -hoofdauteur van het 2007-rapport- is als Greenpeace campagnefilmster fel tegenstander van wetenschappelijk onderzoek in deze richting, zoals hij hier al blogde.
Zonder één experiment te doen concluderen Lindeboom et al in 2007 de eerste zin in de samenvatting (enige deel dat politici lezen):
Er is geen wetenschappelijke basis voor het bemesten van de Noordzee ten behoeve van een verhoging van de productie van schol en tong.
En dan nu de realiteitscheck van Rijnsdorp et al in 2004 voor de ICES Wat schreef co-auteur Adriaan Rijnsdorp in 2004, dus 3 jaar eerder in ‘Changes in the Productivity of the Southeastern North Sea as reflected in the growth of plaice and sole’ (tong en schol) voor de ICES, met Van Keeken en Bolle.
The overall pattern of the increase in growth (van tong en schol RZ) and the later decline correlated with the temporal patterns of eutrophication (de bemesting van de zee tussen ’60 en ’80 RZ), IN PARTICULAR THE DISCHARGE OF DISSOLVED PHOSPHATES BY THE RHINE. Lees verder »
Je nieuwe werkgever!
Net nu garnalenvissers dankzij het afgelopen maand getekende VIBEG een kwart van hun visgronden kwijt zijn geraakt – waarover mijn Natura 2000-reeks ging van afgelopen jaar- vinden we bij Wageningen UR/Imares de volgende vacature
Post-doc Onderzoeker Effecten Garnalenvisserij in Nederlandse Kustwateren Vacaturenummer 0010-5 Regio Noord-Holland Onderdeel IMARES Functietype Post-doc posities Sluitingsdatum voor sollicitaties 8 Januari 2012
Wat moet de onderzoeker doen?
Wij zoeken een onderzoeker voor een extern gefinancierde onderzoeksopdracht (de overheid RZ) naar de effecten van de garnalenvisserij op het zeebodem ecosysteem. Deze visserij vindt grotendeels plaats in Natura2000 gebieden. Tot nu toe zijn de effecten van deze visserij niet gericht onderzocht….
De onderzoeker moet in 3 jaar tijd de verschillen blootleggen tussen beviste en onbeviste gebieden:
Had dat niet vóór de ingrijpende VIBEG-maatregelen gemoeten in een bescheidener proefvlak?
Pardon, wat hoor ik daar? Wil je die baan nog of niet? We leggen het je zo uit.
Waaraan moet de onderzoeker officieel voldoen?
Wij vragen voor deze functie een gedreven onderzoeker die niet terugdeinst voor een maatschappelijk gevoelig onderwerp. Vanwege de politieke druk willen we graag iemand die door een promotie of eerdere werkervaring heeft laten zien een onderzoeksproject grotendeels zelfstandig uit te kunnen voeren en af te ronden binnen de geplande tijd. Het werk van het hele team omvat zowel veldwerk, analyse, modelleren, rapportage als de communicatie met overheid, vissers en NGO’s.
Waaraan moet de onderzoeker écht voldoen? Beste Imares-sollicitant, welkom in het Natura 2000-wespennest. Je komt terecht in een soap die al een decennium speelt, waarbij iedereen meegluurt over je schouder (de Piersma-review) met de zelfde spelers als in het Kokkelproces van 2004: aan dat proces dank je nu je onderzoek- en waarschijnlijk een deel van je financiering. Voor je aan je onderzoek begint, zijn er een aantal zaken die je moet weten en taboes die je moet kennen. Je moet wel ‘groen’zijn, maar mag niet groen beginnen. Lees verder »