Close preview
Een echte nobrainer: Uit een studie van Natuur en Milieu blijkt dat “57% de Nederlanders geen beleggingen wil die ten koste gaan van klimaat, milieu en natuur”. Bij die vraagstelling wat mij betreft een schokkend laag percentage. Ik schaam mij voor mijn volk dat op die vraag niet met 99% positief werd geantwoord. Blijkbaar is de milieubeweging erin geslaagd ons te overtuigen dat een groeiende en bloeiende economie in tegenspraak is met een gezonde natuur. Want ik meen dat de headline bij dit onderzoek had moeten zijn: “43% van de Nederlanders wil gewoon een goed rendement ongeacht wat dit voor natuur en milieu betekent”.
Iedereen die Lomborg of The Rational Optimist heeft gelezen die weet dat economie en natuur juist perfect hand in hand gaan, en dan bedoel ik dus niet de “duurzame economie”, die elk land of continent binnen enkele decennia leegplundert zoals het communisme dat heeft gedaan. Nee, ik bedoel gewoon de good old economie zonder alle durzaamheidsgeneuzel. En dus hebben we hier te maken met een leugenachtige vraagstelling.
De Wakkere maar op milieugebied Slapende Krant van Nederland maakt er dan van: Lees verder »
Heel Liberia zou elektriciteit krijgen van Buchanan. De foto is in Monrovia gemaakt door een medewerker van SOMO, die hem welwillend aan ons heeft afgestaan
Vier jaar geleden, in 2008, toen ons onderzoeksteam met een onderzoek naar Fibroned, BioShape en zijn managers begon, kwam de naam Buchanan Renewables voor het eerst in beeld.Het bedrijf zou zich in Liberia schuldig maken aan landroof en de oorspronkelijke bewoners van hun land verdrijven.
Hoewel Buchanan buiten de opzet van ons onderzoek lag, hebben we gemeend er toch uitgebreid aandacht aan te moeten besteden, vooral omdat het aantal klachten over Buchanan Renewables opmerkelijk groot was. Tijd dus voor ons onderzoeksteam om op onderzoek uit te gaan en er uitgebreid aandacht aan te besteden. In mei 2011 hebben we op de website fibronot.nl een uitgebreid artikel gepubliceerd met als titel Na BioShape opnieuw Nederlands bedrijf in Afrika in opspraak
Vandaag werd bekend dat Nuon eigenaar Vattenfall zich terugtrekt uit het in Nederland geregistreerde bedrijf Buchanan Renewables dat in Liberia in sneltreinvaart bezig is het land van z’n natuurlijke rijkdommen te ontdoen. Lees verder »
De transitie naar een groene economie Eerder in deze reeks had ik het over de dure overgang van fossiele energievoorziening naar duurzame bronnen. Vaak wordt gesteld dat die omslag onderdeel is van de broodnodige en onvermijdelijke transitie naar een groene economie. Net zoals we van een agrarische economie naar een industriële-, en vandaar naar een diensten-economie gingen, zo gaan we nu van de diensten- naar de groene economie, met allemaal groene duurzame banen. We zouden als Nederland hierin voorop moeten lopen, wat tot een prachtige opbloei van onze economie zou leiden.
Deze suggestie getuigt van een ernstig gebrek aan economisch inzicht.
Vorige transities De agrarische periode kwam ten einde omdat we door nieuwe technologie met een tiende van het aantal mensen evenveel voedsel konden produceren. Daardoor kwam er ruimte voor bevolkingsgroei, het bouwen van enorm veel huizen, en het produceren van allerlei apparaten die ons leven aanzienlijk veraangenaamd hebben: de transitie naar de industriële periode.
Door de verregaande automatisering van de productie (dank zij goedkope fossiele energie) daalde ook in de industrie de behoefte aan arbeid enorm, en konden vervolgens steeds meer mensen ingeschakeld worden voor diensten zoals de medische zorg, onderwijs, vrijetijdsbesteding, de detailhandel, kortom, alles waardoor wij nu na een transitie naar een diensteneconomie een koninklijk bestaan leiden en comfortabel drie maal zo oud worden als de mens in zijn historie gemiddeld werd.
Transities zijn alleen mogelijk als er een dramatische efficiencyslag gemaakt is in een bestaande situatie. Pas dan komt er arbeid en kapitaal beschikbaar voor een transitie naar een nieuwe economische structuur. Lees verder »
Duurzame bronnen produceren energie, maar vaak niet waar en wanneer we die nodig hebben. In Denemarken met zijn grote windcapaciteit is bijvoorbeeld ongeveer 40% van de windenergie op het moment van levering niet nuttig te gebruiken. Een goede uitleg hiervan vindt u in deze grondige studie.
Dit probleem valt niet op te lossen: opslag van elektriciteit is onbetaalbaar in geld en energiekosten, voor zover er al opties voor bestaan. Dit levert twee grote problemen op:
1. Kosten infrastructuur We kunnen vaak een groot deel van de duurzame energieproductie alleen maar gebruiken op relatief grote afstand van de plaats van opwekking. Dit zorgt voor zeer hoge kosten aan versterking van het stroomnet. We praten wederom over tientallen miljarden. Insiders uit het netbeheer weten dat Nederland met een enorm probleem zit met de elektrische infrastructuur als de 20% duurzame doelstelling echt gehaald zou worden met zon en wind. De gigantische bedragen, die nodig zouden zijn om het net daarvoor geschikt te maken, worden vooralsnog niet uitgegeven, omdat men in de energiewereld verwacht dat we vér bij die 20% uit de buurt zullen blijven.2. Inpassing – de ‘windparadox’ Een veel groter probleem is echter de inpassing van grillige wind- en zonne-energie in het op dit moment precies uitgebalanceerde net. In principe komt het erop neer dat je (als je geen grote waterkracht centrales hebt om mee te regelen) voor sterk wisselende energiebronnen zoals wind en zon, zeer snel opstartende en snel regelbare gascentrales als back-up moet bouwen. Deze hebben een lage efficiency van circa 35%. Zonder duurzame bronnen zou je complexe (combined cycle) centrales kunnen bouwen die minder flexibel zijn, maar wel een rendement hebben van tegen de 60%.Aangezien de duurzame bronnen gemiddeld minder dan een derde van de tijd stroom leveren, moet je dus méér dan 2/3 van de elektriciteit van de wind-gas combinatie met laag rendement uit gas opwekken. Zonder duurzame bronnen kun je 100% van de stroom met hoog rendement uit gas produceren. De situatie mét duurzame bronnen leidt op basis van deze getallen tot zelfs netto 15% méér gasverbruik, dan wanneer deze duurzame bronnen nooit op het net zouden worden aangesloten. Deze ‘windparadox’ wordt angstvallig onder tafel gehouden door de voorstanders van duurzame bronnen. Lees verder »
1. Kosten infrastructuur We kunnen vaak een groot deel van de duurzame energieproductie alleen maar gebruiken op relatief grote afstand van de plaats van opwekking. Dit zorgt voor zeer hoge kosten aan versterking van het stroomnet. We praten wederom over tientallen miljarden. Insiders uit het netbeheer weten dat Nederland met een enorm probleem zit met de elektrische infrastructuur als de 20% duurzame doelstelling echt gehaald zou worden met zon en wind. De gigantische bedragen, die nodig zouden zijn om het net daarvoor geschikt te maken, worden vooralsnog niet uitgegeven, omdat men in de energiewereld verwacht dat we vér bij die 20% uit de buurt zullen blijven.
2. Inpassing – de ‘windparadox’ Een veel groter probleem is echter de inpassing van grillige wind- en zonne-energie in het op dit moment precies uitgebalanceerde net. In principe komt het erop neer dat je (als je geen grote waterkracht centrales hebt om mee te regelen) voor sterk wisselende energiebronnen zoals wind en zon, zeer snel opstartende en snel regelbare gascentrales als back-up moet bouwen. Deze hebben een lage efficiency van circa 35%. Zonder duurzame bronnen zou je complexe (combined cycle) centrales kunnen bouwen die minder flexibel zijn, maar wel een rendement hebben van tegen de 60%.
Aangezien de duurzame bronnen gemiddeld minder dan een derde van de tijd stroom leveren, moet je dus méér dan 2/3 van de elektriciteit van de wind-gas combinatie met laag rendement uit gas opwekken. Zonder duurzame bronnen kun je 100% van de stroom met hoog rendement uit gas produceren. De situatie mét duurzame bronnen leidt op basis van deze getallen tot zelfs netto 15% méér gasverbruik, dan wanneer deze duurzame bronnen nooit op het net zouden worden aangesloten. Deze ‘windparadox’ wordt angstvallig onder tafel gehouden door de voorstanders van duurzame bronnen. Lees verder »
Belastingvrije feed-in van PV en wind kost ons tientallen miljarden
Wie mijn energieblogs heeft gevolgd, weet dat ik een fervent voorstander ben van het decentraliseren van de elektriciteitsopwekking. Het is pure waanzin om aardgas te verbranden op een temperatuur van 1200 graden om een huis drie graden op te warmen. Daarmee verspillen we 90% van de energetische potentie van het gas. Dit is extra wrang, aangezien we tegelijkertijd in onze gascentrales elektriciteit opwekken, waarbij we 40% tot 65% van de energie-inhoud van het gas, in de vorm van afvalwarmte, de rivier in pompen.
Je moet ons aardgas gebruiken om stroom mee op te wekken op een plaats waar je de restwarmte kunt gebruiken, dus liefst in onze huizen of kantoren. Dat we door betere huizen en kantoren vaak al meer koeling dan verwarming nodig hebben maakt niet uit. Je kunt vrij eenvoudig koude maken met restwarmte.
Decentrale energie opwekken met SOFC De beste kansen voor een dergelijke decentrale energieopwekking liggen bij keramische brandstofcellen. De toepassing van deze SOFC-technologie in onze CV-ketels en warmwatervoorziening leidt tot halvering van ons gasverbruik voor elektriciteitsopwekking. Er is geen enkel scenario voor reductie van fossiel energiegebruik met wind of zon te bedenken, dat daar ook maar enigszins bij in de buurt komt. Lees verder »
Op verzoek van Energy Expert heb ik mijn onder tijdsdruk geschreven en veel te lange Catshuis blog in stukken geknipt en verder uitgewerkt. Vanwege de politieke actualiteit zal ik deze serie ook hier plaatsen, vandaag te beginnen met deel 1.
Hoe werkt de duurzame economie? De duurzame energiediscussie berust vaak op uiterst optimistische verwachtingen van de economische haalbaarheid van een snelle opschaling van duurzame bronnen ten koste van fossiel energiegebruik. De wens is daarbij vaak de vader van de gedachte. De bijbehorende sommetjes blijken namelijk nogal eens niet of uiterst onzorgvuldig gemaakt te zijn. Vaak is de oorzaak een fundamenteel gebrek aan begrip van hoe onze economie werkt. Daar ga ik in deze serie dieper op in, elke keer toegespitst op een ander aspect van duurzame energie. Eerst is een uitstapje nodig naar de economische basisbegrippen en de status quo van onze landsbegroting.
Je kunt een euro maar één keer uitgeven Ieder zinnig mens begrijpt dat we ons geld maar één keer kunnen uitgeven. Dat geldt ook voor geld dat we door de staat laten besteden. We hebben ervoor gekozen om een fors deel van ons geld te laten uitgeven door de overheid. De totale hoeveelheid beschikbaar geld neemt daardoor natuurlijk niet toe. Er is dus één pot – ons inkomen – waaruit we alles betalen, zowel de overheidsuitgaven als onze privé-uitgaven. Kunst-, cultuur-, wind- en zonnesubsidies, onderwijzers, verpleegsters, windmolens en wegen, maar ook onze eigen uitgaven aan hypotheek, energie, vakantie, uitgaan en pensioen. Alles moet uit uw inkomen komen. Méér van het één is minder van het andere, simple as that. Lees verder »
Breaking news op new-energy TV:
20-04-2012HET NOOR VAN ANDEL KLIMAATDEBAT OPGERICHTOud-collega’s van wijlen ingenieur Noor van Andel hebben vandaag het Noor van Andel Klimaatdebat opgericht. Dat maakte uitvinder Guus Bertels vandaag bekend voor de camera van New-Energy TV.Noor van Andel, die vandaag precies een jaar geleden overleed, had als natuurkundige een nogal pregnante opvatting over de klimaatverandering. Het kwam er kort gezegd op neer dat de waterdamp in de atmosfeer het effect van opwarming zal compenseren. Ruim een half jaar voor zijn dood maakte hij deze visie voor een professioneel gezelschap in het KNMI in De Bilt bekend.Volgens Guus Bertels mag het debat over Klimaatverandering niet worden afgesloten met het argument dat 90% van de wetenschap achter de gangbare opwarmingstheorie staat. Vandaar dat hij het initiatief nam tot de oprichting van het Noor van Andel Klimaatdebat.Van Andel, die gefascineerd was door het vinden van oplossingen voor het energieprobleem, wilde niet dat zijn opvattingen zouden leiden tot passiviteit: Het mag niet zover komen dat de politieke steun aan duurzame energietechnieken weg valt, aldus Van Andel. New-Energy TV blijft het debat volgen.
20-04-2012
HET NOOR VAN ANDEL KLIMAATDEBAT OPGERICHT
Oud-collega’s van wijlen ingenieur Noor van Andel hebben vandaag het Noor van Andel Klimaatdebat opgericht. Dat maakte uitvinder Guus Bertels vandaag bekend voor de camera van New-Energy TV.
Noor van Andel, die vandaag precies een jaar geleden overleed, had als natuurkundige een nogal pregnante opvatting over de klimaatverandering. Het kwam er kort gezegd op neer dat de waterdamp in de atmosfeer het effect van opwarming zal compenseren. Ruim een half jaar voor zijn dood maakte hij deze visie voor een professioneel gezelschap in het KNMI in De Bilt bekend.
Volgens Guus Bertels mag het debat over Klimaatverandering niet worden afgesloten met het argument dat 90% van de wetenschap achter de gangbare opwarmingstheorie staat. Vandaar dat hij het initiatief nam tot de oprichting van het Noor van Andel Klimaatdebat.
Van Andel, die gefascineerd was door het vinden van oplossingen voor het energieprobleem, wilde niet dat zijn opvattingen zouden leiden tot passiviteit: Het mag niet zover komen dat de politieke steun aan duurzame energietechnieken weg valt, aldus Van Andel. New-Energy TV blijft het debat volgen.
Puntjes van aandacht van mijn kant…
Lees verder »
Inconsistente overheid stimuleert ontbossing via ander bureau
Afgelopen dinsdag woonde ik de conferentie REDD+Science+Governance bij in de Hof van Wageningen, met dank aan de gastvrijheid van de Production Ecology en Resource Conservation groep.
REDD is een nieuwe vorm van ontwikkelingshulp in een houtig jasje. Het staat voor Reducing Emissions by Deforestation and Degradation, het kapjebosniet-subsidieprogramma van de UNFCCC/Verenigde Naties, waarin Wageningen een rol wil spelen, en trad in werking op de klimaatconferentie in Bali in 2007. Volgens onderhandelaars op de COP-conferenties was het de ´worm aan de haak´ om ontwikkelingslanden bij klimaatbeleid te trekken.
Aquacultuur als ontbosser Eén van de interessantere lezingen kwam van Martin Herold, die met veel data op de proppen kwam over mogelijke oorzaken van ontbossing. IN de periode van 2000 tot 2009 werd 13 procent van de ontbossing in Indonesie veroorzaakt door groei van mijnbouw. Maar wat mij opviel: 3 procent van de ontbossing in Indonesie werd veroorzaakt door stormachtige groei van aquacultuur. Kap van Mangrovebos, want alles vond plaats in een kustzone van Sumatra op het aangereikte kaartje.
Toen ging bij mij opnieuw een belletje rinkelen Omdat ik hier eerder een staaltje tegen het Ministerie van ELI leunende rapportwetenschap besprak van Kees Taal van het LEI/Ministerie van EL&I, environmental performance of wild caught North Sea white fish.
Kees Taal claimde toen dat Aziatische vuile budgetkweekvis uit gekapt mangrovewoud éven milieuvriendelijk zou zijn als schone vis van Hollandse zee. Maar ik constateerde al dat Taal’s rapport een gevalletje van intellectuele fraude was. Want het rekende ontbossing en veranderend landgebruik niet mee, maar maakte alleen een vergelijking van ENERGIE-verbruik, gewoon omdat data van gasolieverbruik makkelijker zijn te krijgen. En het onderzoeksbudget waarschijnlijk niet groot genoeg was.
Die beperkte vergelijking hulde Taal in een groen jasje, een milieu-´indicator´ de Global Warming Potential (hahahaha) om toch de schijn te wekken dat hij wél een milieuvergelijking maakte. Met de huidige staat van journalistiek en academisch klimaat kom je daarmee weg. Met bovengenoemde percentage, heb je nu een indruk van de grootte van het belang van landgebruik in milieuvergelijkingen.
Decentrale opwekking heeft de toekomst!
Wie mijn energieblogs gevolgd heeft, weet dat ik een fervent voorstander ben voor het decentraliseren van de elektriciteitsopwekking. Het is pure waanzin om aardgas te verbranden op een temperatuur van 1200 graden om een huis drie graden op te warmen: daarmee verspillen we 90% van de energetische potentie van het gas. Zeker als we tegelijkertijd in onze gascentrales elektriciteit opwekken en daarbij 40% tot 65% van de energie-inhoud van het gas in de vorm van afvalwarmte de rivier in pompen. Je moet dat gas gebruiken om stroom mee op te wekken op een plaats waar je de restwarmte kunt gebruiken, dus liefst in onze huizen of kantoren. (Dat we door betere huizen en kantoren vaak al meer koeling dan verwarming nodig hebben maakt niet uit, je kunt vrij eenvoudig koude maken met warmte.)
De beste kansen voor decentrale energieopwekking liggen bij keramische brandstofcellen. Het toepassen van deze SOFC technologie in onze CV ketels zou leiden tot een halvering van ons gasverbruik voor elektriciteitsopwekking. Er is geen enkel scenario mogelijk waarbij dat met behulp van wind of zon voor elkaar te krijgen is.
Diederik Samsom is ook vóór decentrale stroom en wil daarom dat iedereen zelf energie op moet kunnen wekken om die dan zelf te gebruiken, of te leveren aan het elektriciteitsnet, en alsnog te gebruiken als dat hem uitkomt. Logische gedachte toch? Maar Verhagen peinst er niet over om dit toe te laten.
Het zal u na mijn bovenstaande opmerkingen verbazen, maar ik geef Verhagen deze keer gelijk. Lees verder »
duurzaam, duurzaam, duurzaam, duurzaam, duurzaam
Afgelopen zaterdag vond de landelijke Roofvogeldag weer plaats in Meppel van de Werkgroep Roofvogels, waarvan ecoloog Rob Bijlsma drijvende kracht is. Bijlsma is bevriend met sceptische klimatoloog Henk Tennekes, die een eerder boek van Bijlsma op Climategate.nl recenseerde.
De laatste natuuronderzoeker in het bos Bijlsma is één van de weinige onafhankelijke wetenschappers, die natuur bestudeert door de natuur te bestuderen. Dit in plaats van andermans werk/beweringen te herkauwen met klimaatsausje er over. Hoewel hij volgens mij niet is afgestudeerd als ecoloog, produceert hij meer ecologisch feitenmateriaal met zijn onderzoek dan het gilde der Wageningse klimaatprostituees. Hier omgedoopt tot ‘Federatie tot bederf der Natuurinteresse’
Duurzaamheid verklaard Ik kijk uit naar het verschijnen van Bijlsma’s nieuwe boek, waar hij op eigen onafhankelijke wijze de bureaucratisering van natuur in Nederland beschrijft, met zelfrelativering die klimaatmissionarissen als bioloog Arnold van VLiet zo missen. Daarin komt een alfabetische verklarende woordenlijst van bureaucratenproza als ‘biodiversiteit’, ‘draagvlak’, en ‘taskforce’. Ik mag die lijst hier nog niet tonen, maar kon het niet laten om als ‘teaser’zijn recensie te tonen van’duurzaamheid’, de meest treffende die ik in tijden las
Duurzaam: haha, hahaha, duurzaam!